Kunst van Amerika in MAS

Portretkop – wierookbrander (Zapoteken)

Op de 8ste verdieping van het Museum aan de Stroom (MAS) vind je prachtige kunstvoorwerpen in goud, jade, steen textiel en schelp. Ze getuigen van het vakmanschap van de bewoners van Amerika van voor 1500. De collectie Kunst van Amerika bevat meer dan 400 voorwerpen die oorspronkelijk de eigendom waren van Dora Janssen-Arts. Ze schonk alles aan de stad Antwerpen en zo kan elke MAS-bezoeker genieten van deze topstukken.

De geschiedenis van de nieuwe tijd interesseerde me mateloos. Het leerplan geschiedenis van het vierde jaar secundair adviseerde om projecten uit te werken en die kans greep ik met beide handen. Het thema was snel gevonden m.n. de veroveringstochten van de conquistadors en het dagelijks leven van de precolumbiaanse volkeren. Reden genoeg om in mijn vrije tijd een bezoek aan Kunst van Amerika in het MAS te plannen. Wat weten we toch weinig van deze oude beschavingen! Telkens is het een pure ontdekking van feiten. Ik laat er een aantal op je los.

Glimlachend de dood tegemoet

De tijd werd beleefd als cyclisch, als een kringloop van seizoenen. De natuur was heilig en speelde een belangrijke rol. Dieren, planten, natuurverschijnselen werden gekoppeld aan goden en geesten van voorouders. Nieuw leven kon dan ook pas ontstaan uit de dood, net als in de natuur. Volgens de oorspronkelijke bewoners van Midden-Amerika en de Andes zorgden de goden voor de mensheid in ruil voor giften. Bij het ontstaan van de wereld hadden de goden immers zichzelf geofferd om de mens te laten leven. Door aan hen mensen of bloed te offeren bleef de balans in de wereld behouden. Het was de garantie op nieuw leven voor mens, dier en plant. Dat die offergaven van mensenlevens redelijk beschaafd gebeurden, kon worden afgeleid uit de smiling face-figuren die gevonden werden aan de oostkust van Mexico. Mogelijk stellen de beeldjes mannen en vrouwen voor die eerst werden gedrogeerd, zich vervolgens lachend overgaven aan muziek en dans maar uiteindelijk ritueel werden onthoofd.

Etalagekast met sieraden
Hoofdtooi met dierenschedel, bont, veren, hout, wol en haar

Wat was het meest kostbare materiaal uit die tijd? Dora Janssen viel figuurlijk voor alles wat blonk. De goed gevulde juwelenkasten met gouden sieraden zijn daar een bewijs van. Het valt in de sieradencollectie op hoe bedreven de precolumbiaanse goudsmeden wel waren. Anderzijds was er jade, een zeldzaam gesteente. De Olmeken en Maya’s maakten er beelden en juwelen van. De groenblauwe kleur was voor hen het symbool voor water en nieuwe plantengroei. Deze siervoorwerpen waren enkel bestemd voor de Mayavorsten en hun hofhouding. Zij waakten immers over de vruchtbaarheid van natuur en mens en droegen daarom veel jade juwelen. Voor de volkeren uit de Andes waren weefsels van katoen, veren en wol waardevoller dan goud. Veren van felgekleurde vogels uit het tropisch regenwoud, wol van lama’s en alpaca’s uit de bergen werden omgetoverd tot complexe en kleurrijke kunstwerkjes. Ze werden meegegeven in het graf van de overledene. Door de droge woestijngrond lijken ze 2000 jaar later nog als nieuw.

Er is nog veel werk aan de wetenschappelijke winkel om dit erfgoed te begrijpen. De meeste volkeren uit Amerika hadden geen schrift waardoor er weinig geschreven informatie is. Vele inboorlingen stierven want de conquistadors brachten Europese ziekten met zich mee. Kroniekschrijvers uit Europa waren in hun geschriften vooral beïnvloed door het geloof en de hebzucht van de Europese vorsten. En de collectie van Dora Janssen-Arts is gekocht in kunsthandels en niet verworven via de plaatselijke bevolking. Zo is er een gemis aan contextuele informatie.

Nieuwe onderzoekstechnieken zullen in de toekomst allicht ingezet worden om objecten te dateren of om de productiewijze van voorwerpen te achterhalen. Ook een bezoek aan de expo in het MAS is al een kleine stap in de goede richting van kennis en ontdekking.  (Met dank voor de informatie van de curatoren en onderzoekers.)

Humor is overwonnen verdriet

KARL – Israël gebruikt honger als oorlogswapen Trends ’25

Het Cartoonfestival in het Cultuurcentrum Scharpoord in Knokke is altijd een beetje kijken naar het “lelijke” op deze aardbol. Een van de cartoonisten, Karl Meersman omschrijft het doel van cartoons met een treffende quote: Humor is overwonnen verdriet. Onder de artiestennaam KARL is Meersman bekend met zijn karikaturen en portretten voor de bladen Trends (sinds 1987) en Focus Knack (sinds 2002).

 

Het tekenen van cartoons en politieke spotprenten is altijd belangrijk geweest in vrije samenlevingen. Met humor, overdrijving, satire kan de cartoonist politieke, religieuze of culturele gevoeligheden bespreekbaar maken. Maar in onze tijdens wordt dat voor tekenaars meer dan gevaarlijk. Door de sociale media kunnen spotprenten in een mum van tijd over de hele wereld verspreid worden. Wie de bedoeling van de cartoon niet ten volle begrijpt, kan zich bedreigd voelen en online haatcampagnes starten. Bepaalde cartoonisten hebben zelfs te maken gehad met doodsbedreigingen of aanslagen. Toch blijven cartoonisten hun taak belangrijk vinden.

duBus La Dernière Heure ’25

Satire hoort nu eenmaal bij democratie en persvrijheid. De reacties over cartoons tonen niet alleen hoe gepolariseerd onze wereld is maar ze maken ook duidelijk dat vrijheid broos is. Daarom krijgen cartoons best een plaats in de geschreven media en natuurlijk in festivals en exposities.

Naar MoMu voor de Zes en tatriz

Modemuseum Antwerpen viert dit jaar dat de Zes van Antwerpen veertig jaar geleden internationale bekendheid kregen. Wie kent de zes illustere modeontwerpers van de Antwerpse modeacademie niet van naam? Even opgesomd: Dirk Bikkenbergs, Ann Demeulemeester, Walter Van Beirendonck, Dries Van Noten, Dirk Saene en Marina Yee.

Ze worden vaak als één groep gezien, maar dit is niet zo. Ieder had een eigen stijl en dat merk je aan hun creaties, ontwerptekeningen, uitnodigingen voor individuele modeshows… Maar een ding hadden ze wel gemeen: durf en creativiteit. In de tentoonstelling worden dan ook zes looks zichtbaar: sportief, lyrisch, gedurfd, luxueus, origineel en vrouwelijk.

Rijkelijke stoffen en ontwerpen (Dries Van Noten)
Gedurfd en creatief (Walter Van Beirendonck)

Een deelexpo Embroidering Palestine is eveneens de moeite waard om te bezoeken. MoMu “stelt er de tatriz centraal: een borduurtraditie die eeuwenlang niet alleen esthetiek, maar ook identiteit en gemeenschap vorm gaf.’ Er wordt prachtig erfgoed getoond, dat ontleend is aan o.a. het Musée du Quai Branly in Parijs, het Textile Research Centre in Leiden, en het Palestinian Museum in Birzeit. Doordat historische en recente Palestijnse ontwerpen naast elkaar opgesteld staan, ontdekt de bezoeker hoe tatriz zich aanpaste aan nieuwe realiteiten.

Bellezza e bruttezza in Bozar

De tentoonstelling Bellezza e bruttezza die momenteel loopt in Bozar (Brussel) is een pareltje. Ze toont hoe in de renaissance kunstenaars uit Italië en Noord-Europa schoonheid en lelijkheid hebben afgebeeld. Wat een bravourestuk is het geweest om zovele schilderijen, boeken, beelden, juwelen, een authentieke handspiegel en parfumflacons uit het laatste kwart van de vijftiende eeuw tot het einde van de zestiende eeuw samen te brengen. Voor de bezoekers is een gratis tentoonstellingsgids beschikbaar. Die is fraai en kleurrijk geïllustreerd en heel informatief.

Portret van Giulia Gonzaga door Titiaan (fragment)

De tentoonstellingszalen zijn thematisch ingedeeld. In de eerste exporuimte verneem je dat schoonheid en lelijkheid in de kunst sterk beïnvloed waren door de oudheid en aan strenge eisen moesten voldoen. Leon Battista Alberti beschreef die in het boek De pictura (1541). Albrecht Dürer tekende en noteerde in Vier B¨ucher von menschlicher Proportion zelfs meetbare verhoudingen voor een ideaal lichaam.

Simonetta Vespucci door Sandro Botticelli (fragment)

De ideale schoonheid werd vooral in vrouwelijke vorm afgebeeld; meer bepaald in portretten van mooie dames. Portretten van een man waren minder idealistisch. Dit blijkt uit de afbeeldingen van Karel V met de Habsburgse kin in zaal twee. En zo belandt de bezoeker bij de lelijkheid. In de twee volgende ruimten zijn dat monsters zoals de dwerg, de nar, de zot en andere fysieke afwijkingen zoals de opvallende haargroei in het Portret van Madeleine Gonzales.

Portret van Madeleine Gonzales (anoniem)

Aan de weergave van lelijkheid in de kunst werd door de artiest vaak de ondeugd gekoppeld. Wie lelijk was, was gulzig, hebzuchtig, seksueel belust… Van al die personificaties zijn in deze expo tal van satirische schilderwerken verzameld. De vijfde en laatste zaal brengt bellezza en bruttezza samen in schilderijen met ongelijke paren. De oude vrouw met de jongere gigolo, de oude man en de op geld beluste jonge vrouw, de nimf en de sater…

De ondertitel van de tentoonstellingsgids is Het ideale, het reële en het karikaturale in de renaissance. Dit is een geslaagde samenvatting van wat je als bezoeker te zien krijgt. De expo loopt in Bozar tot 14 juni en zal nadien in aangepaste vorm in de Gallerie d’Italia in Milaan te zien zijn van 9 juli tot 18 oktober 2026. Maar het kan ook korter bij huis.

Expo kunstkring Strombeek-Bever

Van 26 maart tot en met 19 april kan je in het gc de oude pastorie in Kapelle-op-den-Bos een mooie tentoonstelling bezoeken. De leden van de Kunstkring Strombeek-Bever stellen hun werk voor. Dat resulteert in een gevarieerd aanbod van 65 kunstwerken. Echt de moeite waard! De expo is gratis en elke dag zijn er kunstenaars aanwezig die je vriendelijk ontvangen. Ze gaan geen gesprek uit de weg en zo verneem je uit eerste hand en met veel enthousiasme hoe hun creaties zijn ontstaan.

© vu EVA-vzw de oude pastorie – Diane Van der Aa

Mijn favorieten waren de werken van Lydia Cauwenberghs, Patrick Hostenbach en Els Hattink. Maar ook de knipoogjes naar bekende kunstenaars zoals Michael Borremans, Claude Monet, Jackson Pollock, Gerhard Richter… die Nadine De Cock had ontworpen, waren prettig origineel. Zelf schrijft ze er het volgende over: ‘Voor de serie ‘Een knipoog naar… heb ik gebruik gemaakt van bestaande meesterwerken. Het zijn originele olieverfschilderijtjes geworden waar ik mijn eigen ding van gemaakt heb. De miniatuur figuurtjes en gevonden voorwerpen helpen mij het verhaal te vertellen.’  

Rik Wouters & Nel in Mechelen

Heerlijk om op een ijskoude zondagnamiddag in februari de tentoonstelling Rik Wouters & Nel te bezoeken in het Museum Hof van Busleyden in Mechelen!

In een eenkamerexpo bewonder je er 14 werken van kunstschilder, etser, beeldhouwer en tekenaar Rik Wouters (1882 – 1916). Een van de topstukken, De rode gordijnen (1913) heeft er terecht een ereplaats. Het stelt Nel of voluit Hélène Duerincks voor, de partner en muze van de kunstenaar. Wat opvalt is de rood-wit gestreepte jurk die een eenheid vormt met de rode satijnen gordijnen. De Vlaamse regering kocht dit topstuk voor bijna 1,8 miljoen euro. Dit bedrag bewijst de unieke plek die het werk heeft in het totale oeuvre van Wouters.

Rik Wouters was amper 34 jaar toen hij overleed aan de gevolgen van  kaakkanker. Werd die vroege dood veroorzaakt door het loodgehalte in de toenmalige verf of door de zuren die hij gebruikte bij het etsen? Wie zal het zeggen? Komt daarbij dat hij opgeroepen werd als soldaat in WO I voor de verdediging van de stad Luik om de Duitse opmars tegen te houden; wat niet lukte. Hij kwam uiteindelijk terecht in Nederland in Kamp Zeist. In die periode manifesteerde zijn ziekte zich fors. Door tussenkomst van Nel kreeg Rik van de kampcommandant toestemming om 5 dagen per week in de namiddag wandelingen te maken met haar. Hij maakte toen schetsen en schilderijen van de bosrijke kampomgeving. Omdat de ziekte verergerde, kreeg hij verlof voor onbepaalde tijd. Het mocht niet baten: op 11 juli 1916 overleed hij.

Op amper 10 jaar had de jonge kunstenaars 170 schilderijen, 35 beelden, 50 etsen, 40 pastels en 1500 tekeningen gemaakt en dat kon tellen. Na zijn dood maakte Nel  meer dan 50 jaar lang werk van de conservatie van het oeuvre. Mijn voorkeur gaat uit naar de huiselijke taferelen met zijn muze, Nel. Je ziet haar in een ets resp. een tekening in de expo. Ze rust en leest en dit in een sfeer van broos geluk.

De Vier Winden in Jabbeke

In Jabbeke bevindt zich een prachtig huis en atelier met de mooie naam De Vier Winden. Het was eertijds de woning van de Belgische expressionistische schilder, beeldhouwer en tekenaar, Constant Permeke (1886-1952). Nu is dit huis het  Permekemuseum en dat is zeker een bezoekje waard.

Het werk van Permeke herken je aan de krachtige figuren, zware vormen en donkere kleuren. Hij schilderde vooral boeren, vissers en landschappen en het harde leven van de gewone mens. En dat vind ik net heel mooi. Nochtans werd zijn werk door de nazi’s als ontaarde kunst bestempeld en zelfs verboden. Meningen kunnen dus grondig verschillen; gelukkig maar!

Als je het Permekemuseum bezoekt, dan zie je niet alleen kunst, maar ook persoonlijke documenten, foto’s, voorwerpen en films die het verhaal van zijn leven vertellen. Zo was er een filmopname met een oudere vrouw die vertelde over  de familie Permeke die ze gekend had als kind. Je verneemt dan dat hij  boogschutter was bij de lokale schuttersvereniging en dat zijn leven niet altijd over rozen liep. Hij verloor twee van de zes kinderen: een driejarige kleuter stierf aan mazelen en zijn jongste overleed een paar dagen na de geboorte. In het beeldhouwatelier leer je de kunstenaar kennen met zijn talenten om uit ruwe steen prachten ontwerpen te creëren. Het neusje van de zalm nl. ‘De zaaier’ krijgt een terechte plaats in het schildersatelier. Ook de grote tuin die Permeke ooit zelf aanlegde, geeft je rust en reflectie.

Ken jij Jessica Raes?

Het plaatselijke infoblad Goeiedag kondigde een tentoonstelling aan die me onmiddellijk boeide. In De Kersenpit in Mazenzele stelde Jessica Raes haar werk tentoon.

Maar wie is ze? In twee woorden samengevat:  ‘een creatieve duizendpoot‘. Ze volgde een opleiding in de beeldende vormgeving, animatiefilm en lerarenopleiding. Naast haar professionele taken vult ze de 24 uurtjes die een dag telt met haar grote passie namelijk met beelden haar verhalen vertellen. Met haar heel mooie fantasy-tekeningen wil ze elke bezoeker van haar tentoonstelling raken. En dat doet ze.

Jessica organiseert ook workshops tekenen voor volwassenen en kinderen en die wekken fantasie en verbeelding op. Maar ook andere thema’s staan open voor jonge interesse. Wat dacht je van: ‘Laat je gidsen door Ranger Jessy’ of ‘Laat je betoveren door Herrie De Heks’. In de expositie in De Kersenpit, die ze in haar eentje opstelde (OMGi), werkt ze thematisch. Mij viel op hoeveel uurtjes arbeid ze besteed heeft aan een verfilmd Keltisch sprookje.

Ik was onder de indruk van het talent, de verbeelding en inzet van deze jonge Opwijkse kunstenares en kon niet weerstaan aan de mooi geïllustreerde sage Donkere nacht van de ziel. Dit boekje waarin ze een mooie persoonlijke opdracht schreef, kreeg een ereplaats in mijn bibliotheek.

Moet er nog vis zijn?

© Navigomuseum.com

NAVIGO is een museum in Koksijde dat de maritieme geschiedenis en de visserscultuur van de Belgische kust toont. Het vertelt over het leven en werk, de tradities, technieken en dagelijkse gebruiken van de vissersgemeenschap. Daarom vind je in het museum vissersboten in klein formaat, vissersmateriaal en foto’s, schilderijen met o.a. zeegezichten, audiovisueel materiaal, interactieve media en het 13 meter lange skelet van de aangestrande potvis Valentijn. Ze maken het plaatje van de evolutie van de zeevisserij compleet.

Daarnaast is er tot 3 januari 2026 een tijdelijke tentoonstelling met de fotoreeks Peerdevisschers van fotograaf Stephan Vanfleteren. Hij maakte de 36  indrukwekkende zwart-witportretten in zijn atelier en brengt daarmee een eerbetoon aan de traditie van het paardenvissen.

En er is nog meer, want je kan ook een authentiek vissershuis bezoeken dat een inkijk geeft in het dagelijkse leven van vroeger. Op de benedenverdieping van het museum zijn er grote aquaria waarin de waterbewoners uit de Noordzee schitteren. Een bezoekje aan NAVIGO kan je afsluiten in het estaminet De Peerdevisscher. Zo is een uitstap naar dit museum gegarandeerd interessant én aangenaam. “Tis moa dat joen ’t weet”

Foto’s van een wispelturige zee

Een bezoek aan de fototentoonstelling Transcripts of a Sea van Stephan Vanfleteren in het MSKGent was voor mij een indrukwekkende ervaring. Met zijn kenmerkende zwart-witfotografie vat de fotograaf de zee als een tijdloos en meditatief gegeven. De expo toont duidelijk aan dat dit project een bravourestuk is en wel om vele redenen. Het vroeg in totaal vijf jaar van voorbereiding. Vanfleteren werkte maar liefst 366 dagen in het zeewater. Hij stond met de camera in de branding van de zee, tijdens storm, bij nacht en in de koude. Hij selecteerde en bewerkte de foto’s in zijn atelier gedurende een 250-tal dagen. Die toewijding herken je in de beelden die zowel de kracht als de kwetsbaarheid van het water weergeven. De foto’s nodigen uit om traag te kijken naar elk detail, zelfs naar elke ingreep van de maker. Dat een aanzienlijk aantal in groot formaat tentoongesteld is, laat op elke bezoeker een geweldige indruk na. Anderzijds versterken kleinere afbeeldingen het sublieme oog en de techniciteit van de fotograaf. ‘Elk’ beeld laat immers de zee spreken.

En er is nog meer!!! Vanfleteren confronteert in Transcripts of a Sea zijn foto’s met een aantal schilderijen over de zee, gemaakt door 22 kunstenaars uit de voorbije vijf eeuwen. Korte filosofische citaten van denkers en boeiende reflecties van de fotograaf zijn een poëtische ode aan de natuur en aan het vakmanschap van Vanfleteren. In de laatste expozaal  vind je een twintigtal schriftjes. Ze getuigen  van zijn passie voor fotografie in weer, wind en water. Ze zijn beschadigd door het water. Vanfleteren noteerde er de plaats, de tijd, de technische details… van elk beeld in.

Ik las in de cultuurbijlage van De Standaard dat Transcripts of a Sea momenteel getipt staat op nummer 1 van meest markante tentoonstellingen. Je kan in het MSKGent nog terecht tot 4 januari 2026. Misschien zijn tickets voor de expositie een origineel kerstgeschenk?!