Muzikale kolder van de bovenste plank

Vijf muzikale alleskunners, meer dan twintig muziekinstrumenten, komedie, buikspreken, klassieke muziek … over wie heb ik het?

© De Meerpaal.nl

Schërzo is de naam van de groep. ‘Scherzo’ is het Italiaanse woord voor grap, geintje, grol, mop, plagerij en scherts. Dat brengen de vijf klassiek geschoolde muzikanten anderhalf uur lang. Brahms, Rossini, Saint-Saëns, Gershwin en vele anderen staan op het repertoire. Släpstick is de naam van hun wervelende show. En die titel past feilloos bij wat er op het podium gebeurt. Släpstick is namelijk een kolderieke komedie met prachtige, ontroerende muziek waarbij alles uit de hand loopt maar uiteindelijk goed afloopt. Charlie Chaplin, Mister Bean,  Louis de Funès, Laurel en Hardy enz. waren en zijn er sterk in.

© Theater.nl

Het lollige van Släpstick begon al bij het binnenkomen in de theaterzaal Westrand in Dilbeek. De toeschouwers hadden amper hun zitjes gevonden of de muzikanten spraken hen alsof ze elkaar al jaren kenden. Het werd een verrassend hilarische opvoering met talloze muzikale sketches. Zo werd er vanop de kappersstoel gemusiceerd, dialogeerden de twee buikspreekpoppen Brahms en Beethoven, bespeelden de muzikanten mekaars instrumenten in de meest waanzinnige formaties. Kortom: het was gieren geblazen. Ik kende het gezelschap niet, maar nu kijk ik uit naar hun volgende optreden.

Zeemaal in Den Douwe

Ooit al deelgenomen aan een culinair theaterconcept? Ik prijs het je zeker aan. Als vrijwilliger van CC Strombeek werd ik heel dicht betrokken bij de opvoering van Zeemaal in Den Douwe in Grimbergen. Ik mocht samen met regisseur/kok Peter De Bie en zijn medewerkers Sara Samelayo en Helena Verbeeck helpen met de voorbereiding van de maaltijd – want dat is een belangrijk deel van Zeemaal. Wat een fijne ervaring was dat! Maar nog leuker was dat ik ook aan tafel mocht aanschuiven tijdens de kookperformance.

© Tineke de Boer

Zeemaal is ontstaan uit het hoofd en het hart van theatermaker Sien Vanmaele. Zij verwerkt in de voorstelling haar klimaatangst tot een culinaire performance. Dat doet ze onder de vleugels van het Vlaamse gezelschap Laika. Bondig gezegd bezweert Vanmaele haar klimaatangst door te koken en dit met de meest basale bouwstenen uit ons ecosysteem: wieren.

© Ann De Breucker

Bij deze culinaire performance wordt alles tot in de puntjes verzorgd. Het publiek wordt onthaald met een handwasritueel en neemt dan plaats in een ellipsvormige tribune van twee verdiepingen. Op een doorlopende tafel liggen de voorproevertjes klaar: gevulde schelpen, notenboter, mousse van wieren en als drankje is er water van wulken. In het midden staan de keukengereedschappen klaar: vijzel, trechter, kolven, messen… Die worden gebruikt  tijdens het vertellen. Normaal is Sien Vanmaele verteller van dienst, maar omdat ze in zwangerschapsrust is, neemt Annelotte van Aarst het over. Alles lijkt dus op wat een uitstekend restaurant aanbiedt, maar belangrijk is natuurlijk het verhaal dat je hoort. En dat is urgent want het beklemtoont  hoe dringend een mentaliteitswijziging (ook op geopolitiek vlak) nodig is om te vermijden dat de bron van het leven, de zee, wegvalt. Zeemaal is een kunstwerk op zich dat wil wakker schudden. En dat is een heuse krachttoer!

De pannen liggen nog altijd op het podium

Vol verwachting reed ik naar C.C. Het Bolwerk in Vilvoorde. Mijn vroegere buurmeisje uit Merchtem, Nele Van den Broeck, zou ik live aan het werk zien met de cabaretvoorstelling Mijn best. Mijn interesse was hooggespannen en – ik geef het nu al toe – ze is meer dan ingelost.

Nele Van den Broeck bulkt van talent: ze schrijft boeken (Halfvolwassen, Iemand Anders) en rake columns in De Standaard, werkte voor televisie en radio, heeft een indrukwekkend theaterrepertoire en onder de naam Nele Needs A Holiday maakt ze popmuziek met begeleiding van haar ukelele. Een duizendpoot dus!  Natuurlijk loopt het voor haar niet altijd over een rozenbed. Ze geeft openhartig toe in haar muzikale en geschreven werk dat het pad van de liefde kronkelt en kreunt en dat ook angsten en stress de kop opsteken. Die eerlijkheid siert haar.

© Mijn best – Koortzz bvba

Wat ik te zien en horen kreeg in CC Het Bolwerk blies me van mijn theaterzitje. Geheel naturel kwam ze in snel tempo de scène opgelopen en verraste het publiek met heel wat sleurwerk. Ze leek zowel materiaalmeester, licht- en klanktechnicus. Alles regelde ze in een handomdraai en met de nodige flair. Elk detail, elke plaats van elk theaterobject volgde ze scrupuleus op. De toeschouwers mochten het vanop hun zitjes allemaal bekijken. Het meest intrigerende theaterobject was een rollende kast! Wat had ze daarin allemaal opgeborgen achter een sierlijk gordijn? Muziekinstrumenten, een rookmachine, kledij, ja zelfs een  kleerhanger en ga zo maar door. We hadden het als publiek niet door dat de voorstelling bij de podiumschikking al volop aan de gang was. Nele had ons dus op het verkeerde been gezet en dat deed ze vaker. Prettig spannend! Vlotjes ging ze voortdurend in dialoog met de toeschouwers. Hoewel, ik ben ervan overtuigd dat alles sterk uitgekiend was. Nele is ook regisseuse!!! Dat vergat ik in haar curriculum nog op te nemen.

Meesterlijk waren haar imitaties van schlagermelodieën en dito danspassen.  Ze voerde elke stap, elke pose gracieus en bij momenten atletisch uit. Zou ze geen prima kanshebber zijn in Dancing with the Stars? Shame on me,  want met die vergelijking onderschat ik haar. Haar unieke stijl zit in de taalhumor en pointes van de gezongen teksten. Wat mij bovenal bekoorde, was haar mimiek. Lachen was zeker niet verboden met haar guitige, bedenkelijke, vragende, smekende blikken! En ja, thematisch wil ik ook het volgende kwijt. Wie Nele volgt, weet dat de eeuwige liefde niet voor haar veertigste jaar was weggelegd. Het is echter haar kunsttoer om dat te relativeren. Dat was een sterke troef in dit cabaret.

In haar column voor het voorjaarsmagazine van De Standaard schreef ze een fragmentje dat ik wil delen: “Ik speel de pannen van het dak. Uiteraard. Zo werkt het. Zo werkt het altijd. Wanneer de voorstelling eindigt, ben ik Aïda in de Scala. Het applaus is uitzinnig.” Dat herkende ik in Vilvoorde. De pannen liggen er nog altijd op het podium (grapje). Dank je wel, Nele voor deze heel mooie avond. Je hebt dat keigoed gedaan. Hop naar meer.

 

Een buitengewoon verhaal

De roman Demon Copperhead van Barbara Kingsolver liet bij mij als lezer een diepe indruk na. Ik wilde de roman absoluut lezen nadat ik in het literair jaaroverzicht 2024 van de krant De Standaard de titel vaak vermeld zag. Het is een omvangrijke roman maar eentje die echt op je leeslijst moet komen.

Waar gaat het over? De protagonist Demon vertelt zijn levensverhaal met humor maar ook schrijnende kwetsbaarheid en rauwe eerlijkheid.  Het is zijn verhaal van armoede, verslaving maar ook van veerkracht. Hoewel Kingsolver zich inspireerde  op David Copperfield van Charles Dickens, verplaatste ze haar verhaal naar een vergeten hoek van Amerika m.n. de Appalachen in Virginia aan het begin van de 21ste eeuw. Net die plaats, die tijd en die sociale problematiek trokken me over de streep om de roman te lezen.

In het Dankwoord  van haar boek vermeldt de auteur waarom ze de roman schreef. “Voor de kinderen die elke dag hongerig wakker worden onder die donkere wolken, die hun familie hebben verloren aan armoede en pijnstillers, wier maatschappelijk werkers hun dossiers steeds weer kwijtraken, die zich onzichtbaar voelen of dat juist zouden willen zijn: dit boek is voor jullie.”

Ondanks de zware thematiek is er ruimte voor hoop en menselijkheid en dat maakt het een literair hoogtepunt. Voor Demon Copperhead ontving Kingsolver de Pulitzer Prize en de Women’s Prize for Fiction 2023.

Schilderkunst zoals je die nog nooit zag

Stap binnen in een explosie van kleur, vorm en idee bij Painting after Painting in het S.M.A.K. in Gent. Deze tentoonstelling met het  werk van 74 kunstenaars schetst de recente evoluties en tendensen van het medium in België. Verwacht dus geen klassieke doeken, maar wel werken die de grenzen van het medium opentrekken. Kunstenaars van vandaag verwijzen naar motieven en technieken uit het verleden, maar verkennen en verleggen evengoed de grenzen van het medium. De expo brengt internationale kunstenaars bijeen die elk op hun eigen manier schilderkunst herdenken in ons digitale tijdperk. Verbluffend mooi!

De Sint-Pietersabdij in Gent stelt schoonheid tentoon

Michiel Hendryckx stelt in de Sint-Pietersabdij in Gent ongeveer 200 foto’s tentoon. De expo kreeg de titel Schoonheid als verzet. De curatoren hebben een meesterlijke selectie gemaakt uit het fotografisch werk van Michiel Hendryckx want wat je te zien krijgt, is visueel verbluffend en maatschappelijk boeiend. Elke foto vertelt letterlijk een verhaal. Dat nodigt uit tot reflectie, empathie en bewondering. Bovendien kan je op eigen tempo met de audiogids de fotograaf beluisteren. Hij vertelt je op ongedwongen wijze over de omstandigheden waarin de foto’s gemaakt werden.

Deze tentoonstelling is een absolute aanrader voor iedereen die in de historische setting van de abdij in hartje Gent van kunst wil genieten.

Brute Passie in de paasdagen

Valentijn Dhaenens en Sara Salvérius maakten met Brute Passie een hedendaagse versie van de Matteüs Passie, het meesterwerk van Johann Sebastian Bach dat handelt over de laatste dagen van Jezus.

Voor Valentijn Dhaenens sluit de wijze van acteren aan bij zijn vorige voorstellingen zoals DegrotemonDDeKleineOorloG  en Het Gezin van Paemel waarin hij als solospeler alle personages letterlijk belichaamde en/of een stem gaf. Ook in Brute Passie vertolkt hij alle personages uit het bijbelse lijdensverhaal. Sara Salvérius is accordeoniste en leerde Valentijn kennen tijdens het creatieproces van Het Gezin van Paemel. Zij bespeelt het accordeon louterend en gelimiteerd. Het zou immers onmogelijk zijn om de orkest- en koorversie van Bach met slechts een instrument te evoceren. Beide keuzes wijken af van de authentieke versie van Bach en toch raken ze het publiek.

© Frieke Janssens voor KVS

Wat de toeschouwers voorgeschoteld kregen, was geen re-enactment van het bijbelse verhaal, maar een gedesacraliseerde versie. Dat werd al duidelijk in de inleiding toen Dhaenens zei dat hij geen Jezus wilde spelen. Wat de acteur wel beoogde, was de nadruk leggen op de ‘kenmerken’ van de Jezusfiguur: het belang van de eeuwige vergiffenis, het aanvaarden van het lot en van alle zonden van de wereld. Dhaenens verantwoordde die focus al in de intro: “Ik zou dat niet kunnen. Voor mijn kinderen kan ik me opofferen, maar voor al de rest?”

In de voorstelling citeerde Sara Salverius de Amerikaanse bisschop Mariann Edgar Budde die bij de inauguratie van Donald Trump pleitte voor medelijden met de queergemeenschap en de immigranten. Bedoeling van deze monoloog was om het mededogen – eigen aan het passieverhaal – te actualiseren. Dit kwam bij mij stevig binnen. Ook de decoropstelling was uitgekiend. Drie grote boomtakken symboliseerden de kruisen op de Golgotha en een enorm tapijt van witte aan elkaar genaaide lakens suggereerden het lijden. Wit is immers de kleur van de smart en  lakens werden vroeger als lijkwade gebruikt. Prachtig!

Ik heb genoten van deze voorstelling die vertrok van een authentiek bijbels verhaal maar een betekenisvolle actualisatie in speelstijl onderging.